**1.** De aangezochte Partij deelt de verzoekende Partij onverwijld op de in artikel 6, eerste lid, bedoelde wijze haar beslissing omtrent het verzoek tot uitlevering mede.
**2.** De aangezochte Partij geeft de redenen voor een gehele of gedeeltelijke afwijzing van het verzoek tot uitlevering op. Op verzoek verstrekt de aangezochte Partij een afschrift van de relevante rechterlijke beslissingen.
**3.** Indien uitlevering is toegestaan. bepalen de autoriteiten van de Partijen de datum en de plaats van overlevering van de opgeëiste persoon. De aangezochte Partij stelt de verzoekende Partij tevens in kennis van de duur van de detentie van de opgeëiste persoon met het oog op zijn uitlevering.
**4.** Indien de opgeëiste persoon niet binnen 45 dagen na de voor zijn overlevering vastgestelde datum wordt ontvangen, kan hij in vrijheid worden gesteld en kan de aangezochte Partij daarna zijn uitlevering voor hetzelfde feit weigeren.
**5.** In geval van overmacht die de overlevering of ontvangst van de opgeëiste persoon in de weg staat, stelt de getroffen Partij de andere Partij daarvan in kennis; beide Partijen komen een nieuwe overleveringsdatum overeen en het bepaalde in het vierde lid zal van toepassing zijn.
Artikel 12
Beslissing en overlevering
Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko inzake uitlevering· Strafrecht