Naar hoofdinhoud

Artikel 13

Tijdelijke of uitgestelde overlevering

Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko inzake uitlevering· Strafrecht

1. De aangezochte Partij kan, na de uitlevering te hebben aanvaard, de overlevering van de opgeëiste persoon uitstellen wanneer tegen hem een procedure loopt of wanneer hij op het grondgebied van de aangezochte Partij een straf ondergaat wegens een ander strafbaar feit totdat de procedure is afgesloten of de daaraan opgelegde straf ten uitvoer is gelegd. De aangezochte Partij stelt de verzoekende Partij onmiddellijk in kennis van het uitstel van de overlevering. 2. In plaats van de overlevering uit te stellen, kan de aangezochte Partij de opgeëiste persoon tijdelijk aan de verzoekende Partij overleveren onder voorwaarden die in onderlinge overeenstemming tussen de Partijen worden vastgesteld. De uitgeleverde persoon wordt in de aangezochte staat in hechtenis gehouden en op de overeengekomen datum aan de verzoekende Partij overgeleverd. De duur van de aanhouding wordt in mindering gebracht op de duur van de straf in de verzoekende staat. 3. De overlevering kan ook worden uitgesteld wanneer de overdracht wegens de gezondheidstoestand van de opgeëiste persoon zijn leven in gevaar kan brengen of zijn toestand kan verslechteren.

Rechtspraak bij dit artikel