**1.** Met betrekking tot de status ten aanzien van dierziekten en besmettingen bij dieren, met inbegrip van zoönoses, geldt het volgende:
de invoerende Partij erkent, in het kader van het handelsverkeer, de diergezondheidsstatus van de uitvoerende Partij of haar regio’s, zoals die door de uitvoerende Partij overeenkomstig bijlage 13-C, alinea 1, punt a), i), worden bepaald voor de in aanhangsel 13-B-1 vermelde dierziekten;
wanneer een Partij van oordeel is dat haar grondgebied of een specifiek gebied een bijzondere status heeft ten aanzien van een specifieke, niet in aanhangsel 13-B-1 opgenomen dierziekte, kan zij verzoeken om erkenning van die status overeenkomstig de criteria van bijlage 13-C, alinea 3. De invoerende Partij kan bij de invoer van levende dieren en dierlijke producten garanties eisen die in overeenstemming zijn met de overeengekomen status van die Partij;
de Partijen erkennen dat de status van de grondgebieden of de gebieden, of de status in een sector of een subsector van de Partijen met betrekking tot de prevalentie of incidentie van een niet in aanhangsel 13-B-1 opgenomen dierziekte of, waar passend, van besmettingen bij dieren of het daaraan verbonden risico, zoals gedefinieerd door de in de SPS-Overeenkomst erkende internationale normalisatie-instellingen, de basis vormt voor hun onderlinge handel. De invoerende Partij kan bij de invoer van levende dieren en dierlijke producten garanties eisen die in overeenstemming zijn met de overeenkomstig de aanbevelingen van de normalisatie-instellingen vastgestelde status van die Partij; en
onverminderd de artikelen 13.9 en 13.15, en tenzij de invoerende Partij uitdrukkelijk bezwaar maakt en om ondersteunende of bijkomende gegevens of overleg of verificatie overeenkomstig de artikelen 13.11 en 13.14 verzoekt, neemt elke Partij zonder onnodige vertraging de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke maatregelen om handel mogelijk te maken op basis van de bepalingen in de punten a), b) en c) van dit lid.
**2.** Met betrekking tot de status ten aanzien van plaagorganismen geldt het volgende:
de Partijen erkennen, in het kader van het handelsverkeer, de status ten aanzien van plaagorganismen met betrekking tot de in aanhangsel 13-B-2 opgenomen plaagorganismen; en
onverminderd de artikelen 13.9 en 13.15, en tenzij de invoerende Partij uitdrukkelijk bezwaar maakt en om ondersteunende of bijkomende gegevens of overleg of verificatie overeenkomstig de artikelen 13.11 en 13.14 verzoekt, neemt elke Partij zonder onnodige vertraging de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke maatregelen om handel mogelijk te maken op basis van de bepalingen in punt a) van dit lid.
DEEL III › HOOFDSTUK 13
Artikel 13.6
Erkenning van status ten aanzien van dierziekten en besmettingen bij dieren en ten aanzien van plaagorganismen
Onderdeel van Geavanceerde Kaderovereenkomst tussen de Europese Unie en haar Lidstaten, enerzijds, en de Republiek Chili, anderzijds· Financieel en economisch recht