Naar hoofdinhoud

DEEL III › HOOFDSTUK 33 › AFDELING D

Artikel 33.22

Deskundigenpanel

Onderdeel van Geavanceerde Kaderovereenkomst tussen de Europese Unie en haar Lidstaten, enerzijds, en de Republiek Chili, anderzijds· Financieel en economisch recht

1. Indien de Partijen er niet in slagen de aangelegenheid op te lossen binnen 60 dagen na de indiening van een schriftelijk verzoek tot het bijeengeroepen van het subcomité als bedoeld in artikel 33.21, lid 7, of, indien een dergelijk verzoek niet is ingediend, binnen 120 dagen na de indiening van een schriftelijk verzoek om overleg op grond van artikel 33.21, lid 1, kan de verzoekende Partij verzoeken om de instelling van een panel van deskundigen om de aangelegenheid te onderzoeken. Een dergelijk verzoek wordt schriftelijk ingediend bij het contactpunt van de antwoordende Partij. In het verzoek worden de redenen voor het verzoek tot instelling van een deskundigenpanel uiteengezet, met inbegrip van een voldoende specifieke beschrijving van de aangelegenheid in kwestie, en wordt uitgelegd hoe die aangelegenheid een inbreuk vormt op specifieke bepalingen van dit hoofdstuk. 2. Tenzij in dit artikel anders is bepaald, zijn de artikelen 38.6, 38.10 en 38.13, artikel 38.14, lid 1, de artikelen 38.15 en 38.19, artikel 38.20, lid 2, en de artikelen 38.21, 38.22, 38.24, 38.32, 38.33, 38.34 en 38.35, alsook het reglement van orde in bijlage 38-A en de gedragscode in bijlage 38-B, van overeenkomstige toepassing. 3. Het subcomité doet het Gemengd Comité tijdens zijn eerste bijeenkomst een aanbeveling met ten minste 15 personen die bereid en in staat zijn om zitting te nemen in het deskundigenpanel. Op basis van die aanbeveling stelt het Gemengd Comité uiterlijk één jaar na de inwerkingtreding van deze overeenkomst een lijst van dergelijke personen op. De lijst bestaat uit drie deellijsten: een deellijst van personen die op basis van voorstellen van de EU-Partij is opgesteld; een deellijst van personen die op basis van voorstellen van Chili is opgesteld; en een deellijst van personen die geen onderdaan van een van de Partijen zijn en die als voorzitter van het deskundigenpanel zullen fungeren. 4. Elke deellijst bevat ten minste vijf personen. Het Gemengd Comité ziet erop toe dat de lijst actueel wordt gehouden en ten minste uit dat minimumaantal personen blijft bestaan. 5. De in lid 3 bedoelde personen beschikken over gespecialiseerde kennis of deskundigheid op het gebied van arbeids- of milieurecht, kwesties waarop dit hoofdstuk betrekking heeft, of de beslechting van geschillen in het kader van internationale overeenkomsten. Zij zijn onafhankelijk, treden op persoonlijke titel op, nemen geen instructies van enige organisatie of regering aan met betrekking tot de onenigheid, zijn niet verbonden aan de regering van een van de Partijen, en voldoen aan de voorschriften van de gedragscode in bijlage 38-B. 6. Wanneer het deskundigenpanel wordt samengesteld volgens de procedures van artikel 38.6, leden 3, 4 en 6, worden de deskundigen geselecteerd uit de relevante deellijsten als bedoeld in lid 3 van dit artikel. 7. Tenzij de Partijen binnen vijf dagen na de datum van instelling van het deskundigenpanel anders overeenkomen, luidt het mandaat ervan als volgt: „in het licht van de desbetreffende bepalingen van hoofdstuk 33 van de Geavanceerde Kaderovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Chili, anderzijds, de aangelegenheid onderzoeken die is beschreven in het verzoek tot instelling van het deskundigenpanel, en overeenkomstig 33.23 van die overeenkomst, een verslag met bevindingen en aanbevelingen voor de beslechting van de aangelegenheid voorleggen”. 8. Met betrekking tot aangelegenheden die verband houden met de multilaterale overeenkomsten waarnaar in dit hoofdstuk wordt verwezen, moet het deskundigenpanel informatie inwinnen bij de IAO of de bevoegde organen die in het kader van die overeenkomsten zijn opgericht, met inbegrip van eventuele relevante beschikbare richtsnoeren voor uitlegging, bevindingen of besluiten van de IAO en die organen. Die informatie wordt meegedeeld aan beide Partijen, zodat zij daarover opmerkingen kunnen maken. 9. Het deskundigenpanel legt de bepalingen van dit hoofdstuk uit volgens de gebruikelijke regels voor de interpretatie van het internationaal publiekrecht, met inbegrip van die welke in het Verdrag van Wenen inzake het verdragenrecht zijn neergelegd. 10. Het deskundigenpanel legt de Partijen een tussentijds verslag en een eindverslag voor met de vastgestelde feiten, de toepasselijkheid van de relevante bepalingen en de motivering van de bevindingen, conclusies en aanbevelingen. 11. Het deskundigenpanel legt binnen 100 dagen na de datum waarop het is ingesteld, aan de Partijen het tussentijds verslag voor. Indien het panel van oordeel is dat die termijn niet kan worden gehaald, stelt de voorzitter van het deskundigenpanel de Partijen daarvan schriftelijk in kennis, met opgave van de redenen voor de vertraging en de datum waarop het deskundigenpanel voornemens is zijn tussentijds verslag voor te leggen. De Partijen kunnen in onderling overleg de in dit lid vermelde termijn verlengen. 12. Een Partij kan binnen 25 dagen na de voorlegging van het tussentijds verslag bij het panel een met redenen omkleed verzoek om herziening van bepaalde aspecten van het tussentijds verslag indienen. Een Partij kan binnen 15 dagen na de datum van indiening van het verzoek van de andere Partij haar opmerkingen over dat verzoek kenbaar maken. 13. Na het verzoek en de opmerkingen in overweging te hebben genomen, stelt het deskundigenpanel het eindverslag op. Wanneer binnen de in lid 12 bedoelde termijn geen verzoek om herziening van bepaalde aspecten van het tussentijds verslag wordt ingediend, wordt het tussentijds verslag het eindverslag van het deskundigenpanel. 14. Het deskundigenpanel legt binnen 175 dagen na de datum waarop dat deskundigenpanel is ingesteld, aan de Partijen zijn eindverslag voor. Indien het deskundigenpanel van oordeel is dat die termijn niet kan worden gehaald, stelt de voorzitter van het deskundigenpanel de Partijen daarvan schriftelijk in kennis, met opgave van de redenen voor de vertraging en de datum waarop het deskundigenpanel voornemens is zijn eindverslag voor te leggen. De Partijen kunnen in onderling overleg de in dit lid vermelde termijn verlengen. 15. In het eindverslag wordt elk schriftelijk verzoek van de Partijen met betrekking tot het tussentijds verslag besproken en wordt duidelijk ingegaan op eventuele opmerkingen die door de Partijen zijn gemaakt. 16. De Partijen maken het eindverslag openbaar binnen 15 dagen na de datum waarop het door het deskundigenpanel is voorgelegd. 17. Indien het deskundigenpanel in het eindverslag vaststelt dat een Partij haar verplichtingen uit hoofde van dit hoofdstuk niet is nagekomen, overleggen de Partijen over passende maatregelen die moeten worden uitgevoerd, met inachtneming van het verslag en de aanbevelingen van het deskundigenpanel. De antwoordende Partij brengt haar interne raadgevende groep als bedoeld in artikel 40.6 en de andere Partij uiterlijk drie maanden nadat het verslag openbaar is gemaakt, op de hoogte van haar besluiten over de acties of maatregelen die moeten worden uitgevoerd. 18. Het subcomité houdt toezicht op de follow-up van het eindverslag en de aanbevelingen van het deskundigenpanel. De in artikel 40.6 bedoelde interne raadgevende groepen kunnen in dat verband opmerkingen bij het subcomité indienen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel