Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8

Artikel 8.2

Stiltegebied Eemland

Onderdeel van Nota geluidbeleid

Het provinciale beleid voor de stiltegebieden is er op gericht een aantal stille gebieden te creëren voor de ‘rustzoekende’ mens. In de regio is inmiddels één stiltegebied (Eemland) begrensd in de gemeenten Bunschoten en Eemnes. Zie de afbeelding op de volgende pagina voor de ligging van het stiltegebied. De provinciale milieu verordening beschrijft het provinciale beleid. Dit bevat onderstaande aspecten. Begrenzing Voor elk stiltegebied wordt een gebiedseigen streefwaarde bepaald. Deze bedraagt maximaal 40 LAeq etmaalwaarde. Verder wordt het stiltegebied begrensd. Hierbij wordt de geluidruimte van bestaande bedrijven vastgelegd in detailkaarten. Deze bedrijven kunnen de activiteiten waarvoor ze een vergunning hebben op het moment van begrenzing van het stiltegebied, voortzetten. Lastig bij de begrenzing van de stiltegebieden is het verkeerslawaai. Anders dan het geluid van de inrichtingen is dit moeilijker te reguleren. Eens in de vijf jaar wordt daarom de begrenzing van een stiltegebied door de provincie geëvalueerd, en waar nodig aangepast aan de belasting vanwege het wegverkeer. Bedrijvigheid In haar beleid geeft de provincie aan dat uitbreiden van bestaande bedrijven alleen mogelijk is als de verstoring niet toeneemt. Ook staat in het beleid dat geluidhinder van doelmatige landbouw aanvaardbaar is, evenals werkzaamheden die bijdragen aan de instandhouding of verbetering van de functie van het gebied. Dit geeft ruimte om bij bestaande (agrarische) bedrijven bij uitbreidingen in overleg nieuwe geluidruimte vast te leggen. Dit kan leiden tot plaatselijk verleggen van de grenzen van het stiltegebied of het aanpassen van de normstelling. Hierbij zal wel altijd moeten worden onderzocht welke maatregelen mogelijk zijn om de toename van de geluiduitstraling door wijziging of schaalvergroting te beperken, welke maatregelen voldoen aan het BBT-principe en welke afwijkingen mogelijk zijn met toepassing van compensatie. In overleg tussen het bedrijf en de gemeente worden dan de uiteindelijk (nieuwe) geluidgrenswaarden voor de inrichting vastgelegd in de vergunning of in maatwerkvoorschriften in het geval van een Barim-bedrijf. De agrarische activiteiten kunnen op gespannen voet staan met de geluidnormen van circa 40 LAeq etmaalwaarde in een stiltegebied. Daarom hanteert de gemeente het beleid dat het vestigen van nieuwe inrichtingen in beginsel niet mogelijk is. Figuur 2 Zie bijlage 3.

Rechtspraak bij dit artikel