Bijstand kan worden verleend voor kosten die voortvloeien uit
bijzondere omstandigheden indien wordt voldaan aan de voorwaarden
uit Hoofdstuk 2 van deze Beleidsregels. Het gaat hierbij om
omstandigheden die niet voor iedereen gelden. Deze verschillen van
geval tot geval, zodat hierbij sprake is van individueel maatwerk.
Een limitatieve opsomming van alle mogelijke kostensoorten die voor
bijstandsverlening in aanmerking zouden kunnen komen is dan ook niet
aan de orde. Wel wordt onderstaand ten aanzien van een aantal veel
voorkomende kostensoorten een uiteenzetting gegeven van de
mogelijkheden.
a. Huishoudelijke- en gezinshulp
Bijstand kan worden verleend voor de kosten van huishoudelijke- en
gezinshulp indien hieraan een indicatie op grond van de Wet
maatschappelijke ondersteuning (WMO) ten grondslag ligt.
Het gaat hierbij om de eigen bijdrage van de kosten.
b. Maaltijdvoorziening
Bijstand kan worden verleend voor de meerkosten van een
maaltijdvoorziening (zijnde geen dieetkosten). Aan een dergelijk
verzoek behoeft, tenzij er twijfels zijn over de noodzaak, geen
medische of sociale indicatie ten grondslag liggen. Als meerkosten
worden aangemerkt die kosten die boven het belastbaar deel
maaltijdvergoeding werkgever / werknemer uitgaan (bron:
belastinggids).
c. Eigen bijdrage kosten zorg met verblijf
Bijstand kan worden verleend voor de kosten van verblijf indien
sprake is van het opgenomen zijn in een AWBZ erkende
inrichting.
d. Bewindvoering en beredderingskosten
De kosten van bewindvoering in verband met onder curatele stelling
komen in aanmerking voor bijzondere bijstand. Tevens kan bijstand
worden verleend voor de zogenaamde beredderingskosten (zijnde de
kosten die de bewindvoerder maakt in verband met de inventarisatie
van de aanwezige boedel). De bewindvoerder dient deze kosten
aannemelijk te maken middels het overleggen van een beschikking van
de rechter.
e. Kosten kinderopvang
Bijstand kan worden verleend voor de kosten van kinderopvang voor
zover geen beroep kan worden gedaan op de Wet Kinderopvang, de Wet
Participatiebudget of de (gemeentelijke) Regeling vergoeding kosten
kinderopvang op grond van sociaal medische indicatie (SMI) en de
individuele situatie dit noodzakelijk maakt.
f. Bijdragen ouders en kinderen voor jeugdhulpverlening
Bijstand kan worden verleend voor de inkomensonafhankelijke
ouderbijdrage die door het LBIO wordt opgelegd inzake verblijf van
hun kind(eren) in een instelling voor dagopvang. De hoogte van de
bijdrage is afhankelijk van de leeftijd van het kind en de vorm van
hulpverlening, te weten: residentieel of semiresidentieel. Indien de
bijdrageplichtige ouder aantoont dat hij/zij een periodieke
bijstandsuitkering ter voorziening in de kosten van levensonderhoud
ontvangt naar de norm voor een alleenstaande, kan de bijdrage door
het LBIO op nihil gesteld worden.
g. Overbrugging levensonderhoud
Bijstand kan worden verleend voor de kosten van levensonderhoud
indien daar individueel bepaalde omstandigheden aan ten grondslag
liggen. Hierbij kan gedacht worden aan verlaten mannen/vrouwen en
ex-gedetineerden. Uitgangspunt is dat de bijstand niet meer mag
bedragen dan de toepasselijke bijstandsnorm (inclusief gemeentelijke
toeslagen en eventuele verlagingen) exclusief vakantietoelage. De
bijstand kan worden verleend over de periode van aanvang uitkering
tot de datum van eerste reguliere uitbetaling van de periodieke
uitkering. Bij het niet beschikken over eigen huisvesting wordt de
bijstand gesteld op maximaal 50% van de hierboven berekende
bijstand.
Bij het vaststellen van de noodzaak tot bijstandsverlening dient
evenwel volledig rekening te worden gehouden met de aanwezige eigen
middelen (tenzij de baten van het vrij maken van deze gelden de
hierbij te maken kosten te boven gaan). De middelen van de ten laste
komende inwonende minderjarige kinderen worden pas meegenomen indien
een bedrag van € 450,00 per kind wordt overschreden. Indien een
beroep wordt gedaan op dit artikel als gevolg van verlies
portemonnee c.q. contant geld, wordt de bijstand verleend in de vorm
van een lening (zoals bedoeld in artikel 6) en vervolgens met de
eerstvolgende reguliere uitbetaling van de periodieke uitkering
volledig verrekend.
h. Reiskosten
Bijstand kan worden verleend voor reiskosten indien die reiskosten
(niet zijnde buitengewone verwervingskosten) als noodzakelijk worden
aangemerkt. De tegemoetkoming is gelijk aan de hoogte van de
onbelaste vergoeding reiskosten, zoals wordt gehanteerd door de
belastingdienst.
i. Uitvaartkosten (begrafenis/crematie)
Indien het ongedekte deel van uitvaartkosten niet uit de
nalatenschap kan worden voldaan, kan bijstand worden verleend aan de
wettelijke erfgenamen van de overledene wiens middelen ontoereikend
zijn om hun aandeel in deze kosten te voldoen. De kosten dienen
binnen redelijke grenzen te blijven. De prijzengids Nibud kan als
leidraad dienen.
j. Rechtsbijstand en griffiekosten
Indien de Raad voor de Rechtsbijstand positief heeft besloten op een
aanvraag voor gefinancierde rechtskundige bijstand, kan voor de
verschuldigde eigen bijdrage bijstand worden verleend. De bijstand
kan alleen worden verstrekt ter verkrijging van inkomen en vermogen
uit andere bronnen, waardoor het beroep op bijstand teniet wordt
gedaan of wordt verminderd. Tevens kan in een dergelijke situatie
bijstand worden verleend voor de te maken griffiekosten en eventuele
legeskosten.
k. Toeslag aflossing noodzakelijke lening
Bijstand kan worden verleend voor de aflossing van een noodzakelijk
afgesloten geldlening bij de Volkskredietbank, dit in verband met
het aanschaffen c.q. vervangen van duurzame gebruiksgoederen. De
bijstand bedraagt het verschil tussen de eigen aflossingscapaciteit
(zijnde 6% van de toepasselijke bijstandsnorm) en de feitelijke
aflossing van de geldlening waarbij de aflossingduur maximaal 36
maanden betreft. De hoogte van de te verlenen bijzondere bijstand
wordt eenmaal vastgesteld en gedurende de looptijd van de lening (36
maanden) niet meer aangepast.
Afdeling 1 › Hoofdstuk 3
Artikel 13
Noodzakelijke kosten, niet medisch van aard
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand "Meetlat voor Maatwerk 1 januari 2013"