a. Binnen twee jaar na datum van het ondertekenen van de notariële akte van levering
moet de op de grond te stichten bebouwing voltooid en gebruiksklaar zijn
overeenkomstig het door de gemeente goedgekeurde bouwplan. Indien daartoe
aanleiding bestaat, kan deze termijn door burgemeester en wethouders worden verlengd.
b. Zolang niet is voldaan aan de in lid a. van dit artikel vermelde verplichting, mag de wederpartij
de grond niet zonder toestemming van burgemeester en wethouders in eigendom of
economische eigendom overdragen, in erfpacht uitgeven, met beperkte rechten bezwaren,
verhuren of verpachten, dan wel op andere wijze in gebruik afstaan. Aan deze toestemming
kunnen voorwaarden worden verbonden. Voor vestiging van het recht van hypotheek is geen
toestemming nodig.
c. Het bepaalde in lid b. van dit artikel is niet van toepassing in geval van executoriale verkoop
en van verkoop op grond van artikel 3:174 Burgerlijk Wetboek.
d. De in lid b. van dit artikel bedoelde toestemming wordt geacht te zijn verleend als de overdracht
van de onderhavige grond geschiedt ter uitvoering van een tussen de in de
verkoopovereenkomst genoemde wederpartij en diens koper(s) gesloten
koop- aannemingsovereenkomst, waarbij genoemde wederpartij zich tegenover
die koper(s) verplicht, de in de verkoopovereenkomst genoemde opstallen te bouwen.
e. Het in dit artikel in lid d. gestelde, geldt uitsluitend voor de in de verkoopovereenkomst
genoemde koper(s) en gaat niet over op diens rechtsopvolgers.
f. Indien na verloop van de in lid a. van dit artikel genoemde termijn de bebouwing wel is
aangevangen maar nog geen 5O°Io van de geschatte bouwtijd is verlopen, is de
weder- partij aan de gemeente een schadevergoeding verschuldigd ter grootte
van 10% van de koopsom.
g. Indien na verloop van de in lid a. van dit artikel genoemde termijn de bebouwing is
aangevangen, en meer dan 50% van de bebouwing gereed is, verlenen
burgemeester en wethouders uitstel van de bouwplicht voor de periode van
de geschatte bouwtijd van het restant van de bebouwing. Indien na verloop
van die verlenging nog steeds een wezenlijk deel van de bebouwing moet
geschieden, is de wederpartij aan de gemeente een schadevergoeding verschuldigd
overeenkomstig het bepaalde in lid f. van dit artikel, onverminderd het recht van
de gemeente om volledige nakoming van de bouw- plicht te vorderen.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.8
Bebouwing en bouwplicht
Onderdeel van Algemene Verkoopvoorwaarden voor de verkoop van grond door de gemeente Geertruidenberg 2002