**1.** De raad reserveert het in enig jaar niet gebruikte gedeelte van de bijdrage toekomend aan een in de raad vertegenwoordigde groepering ter besteding door die groepering in volgende jaren.
**2.** De reserve is niet groter dan 30% van de bijdrage die de groepering in het voorgaande kalenderjaar toekwam op grond van artikel 8.
**3.** Het beroep in enig jaar op de opgebouwde reserve, komt tot uitdrukking in de verrekening over dat jaar. Bevoorschotting vindt desgevraagd plaats.
**4.** De reserve blijft na verkiezingen beschikbaar voor de groepering die onder dezelfde naam terugkeert, dan wel voor de groepering die naar het oordeel van de raad als rechtsopvolger daarvan kan worden beschouwd.
**5.** Als bij zetelverlies de reserve voor een groepering hoger zou worden dan aangegeven in het tweede lid, vervalt het recht op dat meerdere.
**6.** Bij splitsing van een groepering, wordt de reserve verdeeld over de betrokken groeperingen naar evenredigheid van het aantal bij de splitsing betrokken leden, voor zover deze reserve niet meer bedraagt dan 30% van de bijdrage die de oorspronkelijke groepering in het voorgaande kalenderjaar ontving.
Hoofdstuk 1 › Paragraaf 2
Artikel 11
Reserve
Onderdeel van Verordening op de ambtelijke bijstand en op het recht op ondersteuning van de in de raad vertegenwoordigde groeperingen 2010