Lid 1
De arbeidsduur per jaar bedraagt op grond van artikel 1:1, eerste lid, onder k, CAR/UWO bij een volledige betrekking maximaal 1836 uur.
Lid 2
De feitelijke omvang van de arbeidsduur per jaar, alsmede het aantal compensatieuren worden - afhankelijk van het aantal feestdagen dat op een werkdag valt - elk jaar vastgesteld. Voor parttimers wordt de arbeidsduur per jaar vastgesteld met behulp van de volgende breuk: pt uren/36 x arbeidsduur.
Lid 3
De feitelijke omvang van de arbeidsduur per jaar wordt zonodig met een half uur naar beneden afgerond en het aantal compensatieuren per jaar wordt zonodig eveneens met een half uur naar beneden afgerond.