Het is verboden afvalstoffen op of in de bodem te brengen of te houden, te verbranden, te bewaren, over te laden of anderszins te bewerken, te verwerken of te vernietigen.
Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijk afval aan de inzameldienst, krachtens artikel 11, tweede lid aangewezen personen of instanties of houders van een vergunning als bedoeld in artikel 2.
Burgemeester en wethouders kunnen van het in het eerste lid gestelde verbod ontheffing verlenen. Aan een ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden ter bescherming van het milieu.
Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing op het thuiscomposteren van groente-, fruit- en tuinafval, mits dit geen hinder en gevaar voor de volksgezondheid oplevert.
Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing voor zover de Wet milieubeheer, de Wet Bodembescherming, de Meststoffenwet, de Destructiewet of de provinciale milieuverordening voorziet in de met dit artikel beoogde bescherming van het milieu.
Hoofdstuk 5
Artikel 30