Eerste lid
In artikel 17, eerste lid, WWB is bepaald dat belanghebbende op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling doet van alle feiten en omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op zijn arbeidsinschakeling of het recht op bijstand.
De ernst van de gedraging komt tot uitdrukking in de hoogte van het benadelingsbedrag. Dat is het door de gemeente te veel betaalde bedrag aan netto bijstand, vermeerderd met de loonbelasting en de premies volksverzekeringen waarvoor de gemeente krachtens de Wet op de loonbelasting 1964 inhoudingsplichtige is, alsmede de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, voorzover deze belasting, premies en vergoeding niet verrekend kunnen worden met de door het college af te dragen loonbelasting, premies volksverzekeringen en vergoeding.
Tweede lid
Als de belanghebbende onjuiste of onvolledige inlichtingen heeft verstrekt, waardoor aan hem de bijstand ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend, wordt de maatregel afgestemd op de hoogte van het bedrag dat ten onrechte of te veel aan bijstand is verstrekt (het fraudebedrag).
Dit lid regelt de hoogte van de maatregelen die voor, de te onderscheiden categorieën van ten onrechte of te veel ontvangen bijstand, worden opgelegd. Met de indeling in categorieën wordt bewerkstelligd dat de maatregel toeneemt naarmate het fraudebedrag hoger is.
Onderdeel g. In het algemeen is sprake van recidive indien zich binnen 12 maanden na bekendmaking van een besluit om een maatregel op te leggen een nieuwe verwijtbare gedraging voordoet. Indien echter bij de nieuwe verwijtbare gedraging sprake is van onjuiste of onvolledige inlichtingen met een benadelingsbedrag (fraudebedrag) van € 3.000,= of meer, bedraagt de recidivetermijn 5 jaar.
Hoofdstuk
Artikel 12
Verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen met gevolgen voor de bijstand
Onderdeel van Verordening afstemming en handhaving Wet Werk en Bijstand 2007 met toelichting