Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Advies Onderwijsraad

Onderdeel van Verordening procedure overleg huisvesting onderwijs

In dit artikel is in procedurele zin aangegeven op welke wijze door een of meer overlegpartners kenbaar wordt gemaakt dat men de Onderwijsraad wil inschakelen voor advies over aspecten uit de vast te stellen Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs die betrekking hebben op de vrijheid van rich 11 advies verzoekt, inhoudelijk en gemotiveerd aangeeft op welke onderwerpen de adviesaanvraag betrekking heeft. Tevens is erin voorzien dat in het bestuurlijk overleg van gedachten kan worden gewisseld over de inhoud van het verzoek aan de Onderwijsraad. Dit tegen de achtergrond dat iedereen erbij gebaat is dat duidelijkheid bestaat over de beweegredenen bij één, meer of alle partijen om zich tot de Onderwijsraad te wenden. Deze gedachtenwisseling laat uiteraard het recht van een individueel schoolbestuur of van de gemeente om de Onderwijsraad in te schakelen, ook wanneer de andere overlegpartners daaraan geen behoefte hebben, onverlet. Daarnaast zal ook de Onderwijsraad in het kader van zijn advisering geïnformeerd willen worden over de (mogelijk afwijkende) zienswijzen van alle partners uit het bestuurlijk overleg. In het vierde lid wordt bepaald in welke situatie er in ieder geval nader bestuurlijk overleg plaatsvindt over het advies van de Onderwijsraad. Dit is aan de orde wanneer de Onderwijsraad adviseert om inhoudelijke wijzigingen aan te brengen in het voorstel tot vaststelling of wijziging van de verordening onderwijshuisvesting. In alle andere gevallen maken burgemeester en wethouders de afweging of nader bestuurlijk overleg noodzakelijk is. In het model is voor deze formule gekozen in plaats van een benadering om ongeacht de strekking en inhoud van het advies standaard te bepalen dat nader overleg plaats vindt over het uitgebrachte advies. Er kunnen zich namelijk situaties voordoen waarin een dergelijk nader overleg geen toegevoegde waarde heeft, bijvoorbeeld wanneer het advies het voorstel van burgemeester en wethouders onderschrijft. Uiteraard is er niets op tegen wanneer op lokaal niveau hierbij een andere benadering wordt gevolgd zoals het standaard uitgaan van een nader overleg of het bijeenroepen van een overleg indien een of meer overlegpartners naar aanleiding van het toegezonden afschrift van het advies hierom binnen een bepaalde periode vraagt. Overigens wordt nog opgemerkt dat de wettelijke bepalingen over de advisering van de Onderwijsraad niets voorschrijven over een overlegmogelijkheid zoals hiervoor is beschreven. Er wordt bepaald dat de Onderwijsraad advies uitbrengt aan de gemeenteraad. Het advies wordt vervolgens bekendgemaakt tezamen met de verordening onderwijshuisvesting of de wijziging daarvan (zie bijvoorbeeld artikel 76, zesde lid WBO). Om te voorkomen dat eventueel nader overleg over het uitgebrachte advies tot een te grote vertraging in het besluitvormingsproces leidt, is in het vierde lid uitgegaan van een vrij korte termijn waarbinnen een dergelijk overleg zal dienen plaats te vinden. Om hierbij problemen te voorkomen verdient het aanbeveling aan de vooravond van de indiening van het verzoek om advies met de daarbij behorende stukken bij de Onderwijsraad alvast in onderling overleg enkele data te reserveren voor een eventueel nader overleg. Hierbij kan ervan worden uitgegaan dat de Onderwijsraad drie tot vier weken nodig heeft om tot een advies te komen. De wetgever heeft de adviestermijn namelijk beperkt tot vier weken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel