**1.** De raad bestaat uit negen leden, zoveel mogelijk evenredig verdeeld over de drie in artikel 1, onder j. genoemde regio's.
**2.** De leden worden benoemd door de gemeenteraad op voordracht van de raad, de voordracht voor de eerste zittingsperiode geschiedt door het college.
**3.** Leden van de raad dienen:
a. woonachtig te zijn in het exploitatiegebied;
b. deel uit te maken van een huishouden waarvan tenminste één der leden abonnee is.
**4.** Een lid van de raad kan, naast het bepaalde in artikel 82k van de Mediawet, in ieder geval niet tevens zijn:
a. aandeelhouder van de exploitant;
b. lid van de Raad van Commissarissen van de exploitant;
c. werkzaam voor of gedetacheerd bij de exploitant;
d. aanbieder van programma's en
e. werkzaam bij de gemeente.
**5.** De leden van de raad dienen deskundig te zijn op het terrein waarop de raad adviseert.
**6.** De raad dient in zijn geheel representatief te zijn voor de belangrijkste in de gemeente voorkomende maatschappelijke, culturele, godsdienstige en geestelijke stromingen.
De volgende stromingen dienen te zijn vertegenwoordigd:
-sport en recreatie ;
-kerken/geestelijke stromingen;
-minderheden (etnisch);
-cultuur;
-onderwijs;
-werkgeversorganisaties;
-werknemersorganisaties;
-ouderen en
-jeugd.
**7.** Op de leden van de raad is artikel 15 Gemeentewet omtrent verboden handelingen van overeenkomstige toepassing, ook in relatie met de exploitant.
**8.** De vergaderingen worden tevens bijgewoond door:
a. een in overleg met de raad door de exploitant aan te wijzen functionaris. Deze staat de raad bij in al haar werkzaamheden;
b. een vertegenwoordiging van de exploitant.
**9.** De raad wijst uit zijn midden een voorzitter, vice-voorzitter en secretaris aan.