Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3

Artikel 12

– De hoogte en de duur van de verlaging

Onderdeel van AFSTEMMINGSVERORDENING WET WERK EN BIJSTAND 2011

1.. Onverminderd het bepaalde in artikel 2, tweede lid, bedragen de verlagingen genoemd in artikel 11 als volgt: tien procent van de bijstandsnorm gedurende één maand bij een gedraging van de eerste categorie; vijfentwintig procent van de bijstandsnorm gedurende één maand bij een gedraging van de tweede categorie; de hoogte van de verlaging bij een gedraging van de vijfde categorie wordt afgestemd op de hoogte van het benadelingsbedrag gerelateerd aan de netto-bijstand en op de volgende wijze vastgesteld: 1. bij een benadelingsbedrag tot € 1.000,-: 10% van de bijstandsnorm gedurende één maand; 2. bij een benadelingsbedrag van € 1.000,- tot € 2.000,-: 25% van de bijstandsnorm gedurende één maand; 3. bij een benadelingsbedrag van € 2.000,- tot € 4.000,-: 50% van de bijstandsnorm gedurende één maand; 4. bij een benadelingsbedrag van € 4.000,- tot € 6.000,-: 100% van de bijstandsnorm gedurende één maand; 5. bij een benadelingsbedrag van € 6.000,- tot € 8.000,-: 100% van de bijstandsnorm gedurende twee maanden; 6. bij een benadelingsbedrag vanaf € 8.000,-: 100% van de bijstandsnorm gedurende twee maanden plus één maand voor elke € 2.000,- waarmee het benadelingsbedrag boven € 8.000,- uitstijgt. 2.. Van het opleggen van de verlaging als bedoeld in het eerste lid onderdeel a kan worden afgezien en worden volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing, tenzij binnen een periode van twee jaar eerder een verlaging of een schriftelijke waarschuwing is opgelegd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel