**1..** De duur van de verlaging als bedoeld in deze verordening wordt verdubbeld, indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van het besluit waarbij de verlaging is opgelegd, opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging als genoemd in deze verordening. Met een besluit waarmee een verlaging is opgelegd wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien op grond van dringende redenen, bedoeld in artikel 6, derde lid.
**2..** De duur van de verlaging als bedoeld in deze verordening wordt verdrievoudigd indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarbij toepassing is gegeven aan het eerste lid, wederom schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging als genoemd in deze verordening. Met een besluit waarmee een verlaging is opgelegd wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien op grond van dringende redenen, bedoeld in artikel 6, derde lid.
**3..** Indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarbij toepassing is gegeven aan het tweede lid, voor de vierde of volgende maal schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging als genoemd in deze verordening, wordt een verlaging opgelegd waarbij de hoogte en de duur nader wordt bepaald met inachtneming van artikel 2, tweede lid en artikel 7, vijfde lid. Met een besluit waarmee een verlaging is opgelegd wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien op grond van dringende redenen, bedoeld in artikel 6, derde lid
**4..** Indien en voor zover een gedraging van de vierde categorie zoals bedoeld in deze verordening betrekking heeft op werk of arbeid met daaraan verbonden inkomsten beneden de toepasselijke bijstandsnorm wordt de verlaging als bedoeld in het eerste tot en met vierde lid van dit artikel gematigd tot het bedrag van de maandelijks misgelopen inkomsten.
**5..** Indien een belanghebbende door één gedraging zich schuldig maakt aan schending van meerdere verplichtingen die elk op zich tot een verlaging op grond van deze verordening dienen te leiden, wordt voor het bepalen van de hoogte en de duur van de op te leggen verlaging uitgegaan van de gedraging waarop de zwaarste verlaging is gesteld.
**6..** Indien een belanghebbende zich tegelijkertijd schuldig maakt aan verschillende gedragingen die elk op zich tot het opleggen van een verlaging dienen te leiden, wordt de hoogte en de duur van de op te leggen verlaging bepaald met inachtneming van artikel 2, tweede lid en artikel 7, vijfde lid. Uitgangspunt is daarbij de cumulatie van de afzonderlijke verlagingen.