Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 10

Bestuurlijke boetes bij verwijtbare overtredingen

Onderdeel van Beleidsregels inburgeringsvoorzieningen Wet inburgering

1.. De inburgeringsplichtige kan in ieder geval, overeenkomstig artikel 9 lid 1 van de Verordening wet inburgering, een bestuurlijke boete krijgen van € 50,00 per overtreding tot een maximum boete van € 250,00 overeenkomstig artikel 10 lid 1 van de Verordening wet inburgering, indien hij verwijtbaar: niet verschijnt voor de intake na herhaalde oproep door de gemeente of niet c.q. onvoldoende meewerkt aan de intake, of; niet meldt aan de gemeente dat hij door ziekte of door andere relevante omstandigheden niet aan zijn verplichtingen kan voldoen. 2.. De inburgeringsplichtige kan in ieder geval, overeenkomstig artikel 9 lid 2 van de Verordening wet inburgering, een bestuurlijke boete krijgen van € 100,00 per overtreding tot een maximum boete van € 500,00 overeenkomstig artikel 10 lid 2 van de Verordening wet inburgering, indien hij verwijtbaar: niet tijdig een cursus heeft ingekocht die opleidt naar het vereiste niveau voor het inburgeringsexamen of staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II; niet deelneemt aan de aangeboden inburgeringsvoorziening; niet deelneemt aan de gesprekken met de trajectbegeleider ondanks herhaalde oproep; niet deelneemt aan de voortgangsgesprekken ondanks herhaalde oproep; niet de aangeboden inburgeringsvoorziening afrondt c.q. tussentijds uitvalt, of; niet deelneemt voor de eerste maal aan het inburgeringsexamen of staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II op een tijdstip dat door het college wordt bepaald. . 3.. De inburgeringsplichtige kan in ieder geval, overeenkomstig artikel 9 lid 3 van de Verordening wet inburgering, een bestuurlijke boete krijgen van € 150,00 per overtreding tot een maximum boete van € 1.000,00 overeenkomstig artikel 10 lid 3 van de Verordening wet inburgering, indien hij verwijtbaar: niet binnen de wettelijk vastgestelde termijn het inburgeringsexamen of staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II heeft behaald, of; niet binnen de door het college vastgestelde termijn het inburgeringsexamen of staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II heeft behaald. 4.. Bij eventuele andere verwijtbare overtredingen door de inburgeringsplichtige, die niet in dit artikel zijn geregeld, handelt het college naar bevind van zaken, rekening houdend met de zwaarte van de overtreding en de individuele omstandigheden van de betrokken inburgeringsplichtige.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel