Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 14.

Maatschappelijke activeringsplaatsen

Onderdeel van Reïntegratieverordening 2007

1.. Het college aan personen, bedoeld in artikel, 1 sub i en l, een maatschappelijke activeringsplaats aanbieden. 2.. Dit instrument ingezet worden wanneer door het college aan de hand van een onderzoek is vastgesteld dat de belanghebbende (mogelijk) op lange termijn perspectief heeft op regulier werk en dat inzet van het instrument geïndiceerd is. 3.. Het doel van een maatschappelijke activeringsplaats is het versterken van de zelfstandige maatschappelijke participatie, voorkoming van sociaal isolement en het versterken van aanwezige capaciteiten. 4.. Jaarlijks dient te worden bepaald in hoeverre op de korte of (middel) lange termijn een reëel perspectief op regulier werk is ontstaan. 5.. Het college plaatst de persoon alleen indien door zijn plaatsing de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en indien door zijn plaatsing geen verdringing plaatsvindt. 6.. In een schriftelijke overeenkomst worden tenminste vastgelegd het doel van de maatschappelijke activeringsplaats, alsmede de wijze waarop de begeleiding plaatsvindt.

Rechtspraak bij dit artikel