Een ondersteuningsvrager komt niet in aanmerking voor de in artikel 4.1 lid 1 en in artikel 4.1 lid 4 van de verordening bedoelde vervoersvoorziening, indien het inkomen van de ongehuwde ondersteuningsvrager of het gezamenlijk inkomen met zijn gehuwde of samenwonende partner meer dan 1,25 maal het norminkomen bedraagt.
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.4
Wijze van verstrekken
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2011