Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK III Bepalingen verband houdende met het toekennen van bijdragen in de kosten van de voorzieningen

Artikel 9

Artikel 9

Onderdeel van Verordening geldelijke steun voorzieningen aan particuliere huurwoningen ’s-Gravenhage 1987.

1.. Burgemeester en wethouders wijzen een aanvraag om een bijdrage eveneens af, indien de huurprijs na verbetering niet is berekend overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens de Huurprijzenwet woonruimte;: de tussen partijen laatstelijk geldende huurprijs, voor het treffen van de voorzieningen, niet ten minste f 160,-* per maand bedraagt bij geraamde kosten van de voorzieningen die 80% of meer bedragen van de kosten van vergelijkbare nieuwbouw, dan wel een bedrag dat overeenkomt met het verschil tussen f 160,-*Voor 1987 respectievelijk 1988 is dit bedrag gesteld op f 120,- respectievelijk f 140,- conform de rijksregeling geldelijke steun voorzieningen aan huurwoningen 1987. en f 1,- per procentpunt onder het hiervoor genoemde percentage van 80. een verklaring van de huurder dat hij zich vooraf schriftelijk akkoord verklaart met de door de verhuurder voorgestelde huurprijs na het treffen van de voorzieningen ontbreekt; de voorgestelde huurprijs na verbetering hoger is dan 90% van de huurprijs van, naar het oordeel van de minister met de woning waaraan de voorzieningen worden getroffen, vergelijkbare woningen; de voorgestelde huurprijs na verbetering hoger is dan de huurprijs die ingevolge het Besluit huurprijzen woonruimte (Stb. 1979) ten hoogste redelijk is.

Rechtspraak bij dit artikel