Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 4

Bijdrage in dienstkleding

Onderdeel van Dienstkledingverordening

Lid 1 Burgemeester en Wethouders stellen op voorstel van het afdelingshoofd, de respectievelijke medezeggenschapsorganen gehoord, een aan deze regeling toe te voegen lijst vast, waarin de betrekkingen worden vermeld bij het vervullen waarvan om andere redenen dan bedoeld in artikel 2 de ambtenaar in aanmerking komt voor een bijdrage in de door hem bij de vervulling van zijn betrekking te dragen kleding. Die bijdrage zal ook kunnen geschieden in de vorm van een kledingverstrekking. Lid 2 De in het eerste lid bedoelde lijst vermeldt per betrekking in welke kleding (soort, aantallen) een bijdrage wordt verstrekt en welke de waarde daarvan is. Daarbij wordt tevens aangegeven voor welke periode (aantal jaren) iedere verstrekking plaatsvindt. Lid 3 De wijze waarop de verstrekkingen als bedoeld in dit artikel plaatsvinden wordt door het afdelingshoofd bepaald. Dit gebeurt in overleg met de respectievelijke medezeggenschapsorganen. Lid 4 De ambtenaar is verplicht ervoor te zorgen, dat de kleding waarvoor hem ingevolge dit artikel een bijdrage is verstrekt, steeds in een behoorlijke staat van onderhoud verkeert. Lid 5 Op voorstel van het hoofd van dienst, dat tot de bevinding komt, dat de ambtenaar de kleding waarvoor hij een bijdrage heeft ontvangen niet draagt of de onder 4.3 vermelde verplichting niet nakomt, kan die ambtenaar door burgemeester en wethouders tijdelijk van het recht op een bijdrage worden uitgesloten. Lid 6 Het afdelingshoofd is bevoegd in gevallen, waarin te dragen kleding onbruikbaar is geworden buiten de schuld van de ambtenaar om, voor rekening van de gemeente Sittard-Geleen reparaties te laten uitvoeren dan wel te bepalen, dat het tijdstip voor het verstrekken van een nieuwe bijdrage wordt vervroegd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel