Lid 1
Bij de beoordeling van het functioneren van werknemers mag etniciteit geen
rol spelen.
Lid 2
Criteria die worden vastgesteld om te bepalen of werknemers aan opleidingen,
cursussen of trainingen kunnen deelnemen zijn zodanig vastgesteld dat
zij geen direct of indirect discriminerende elementen bevatten.
Lid 3
Ter verbetering van de bedrijfsveiligheid, het doelmatig werken, de individuele
promotiekansen van werknemers en de bedrijfsgezondheid wordt bevorderd
dat de communicatiemogelijkheden van diegenen die een beperkte kennis
van het Nederlands hebben wordt verbeterd.
Lid 4
Criteria die worden vastgesteld voor het loopbaan- of mobiliteitsbeleid
zijn zodanig vastgesteld dat zij geen direct of indirect discriminerende
elementen bevatten.
Hoofdstuk
Artikel 3
Personeelsbeheer
Onderdeel van Gedragscode ter voorkoming en bestrijding van rassendiscriminatie op de werkvloer