Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 26

Woonkosten lager dan de maximale huurgrens

Onderdeel van Richtlijnen bijzondere bijstand 2011

Bijzondere bijstand voor woonkosten kan worden verstrekt indien een woning of een woonwagen wordt bewoond in eigendom, waarvan de woonkosten niet hoger zijn dan de maximumhuur als bedoeld in de Wet op de huurtoeslag en er sprake is van een uit bijzondere omstandigheden voortkomende noodzaak om de woning te bewonen De hoogte van de toeslag wordt vastgesteld aan de hand van de Wet op de huurtoeslag systematiek. Aan de verstrekking van de in sub a van dit artikel bedoelde bijstand wordt de voorwaarde verbonden dat de belanghebbende binnen 12 maanden na aanvang van deze bijstand verhuist naar passende woonruimte, waarvoor aanspraak op huurtoeslag bestaat of woonkosten die uit het inkomen kunnen worden bestreden. Met verwijzing naar artikel 12 lid d van deze richtlijnen wordt de ruimte in het inkomen ten volle als draagkracht aangemerkt, wanneer bijzondere bijstand wordt verleend voor woonkosten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel