De man of vrouw met wie een wethouder, gewezen of gepensioneerde wethouder gehuwd is geweest, heeft na diens overlijden recht op bijzonder nabestaandenpensioen, mits
hij of zij recht op nabestaandenpensioen zou hebben gehad, indien de wethouder op de dag van het vonnis, waarbij de echtscheiding of de ontbinding van het huwelijk is uitgesproken, zou zijn overleden, en
de onder a bedoelde dag ligt na 30 september 1971 en de echtscheiding of ontbinding van het huwelijk niet is uitgesproken met toepassing van het vóór
1 oktober 1971 geldende recht.
Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de vrouw of man van wie de aanmelding is geëindigd, mits zij of hij recht op nabestaandenpensioen zou hebben gehad, indien de wethouder, de gewezen of gepensioneerde wethouder op de dag van eindigen van de aanmelding zou zijn overleden.
Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de desbetreffende man of vrouw als gevolg van een huwelijk met, dan wel een aanmelding door dezelfde wethouder ter zake van diens overlijden recht op nabestaandenpensioen verkrijgt.
HOOFDSTUK III › Paragraaf 1
Artikel 25
Bijzonder nabestaandenpensioen
Onderdeel van Uitkering- en pensioenverordening gewezen wethouders Oss