**1..** Het is verboden om in een archeologisch monument, bedoeld in artikel
1, onder i, sub 2 of een archeologisch verwachtingsgebied, bedoeld
in artikel 1, onder a, de bodem dieper dan 30 cm onder de
oppervlakte te verstoren.
**2..** Het verbod in lid 1 is niet van toepassing indien;
het een verstoring betreft van een archeologisch monument of
archeologisch verwachtingsgebied wat kleiner is als de
grenswaarde als aangegeven op de gemeentelijke
Archeologische Beleidsadvieskaart
in het geldend bestemmingsplan bepalingen zijn opgenomen
omtrent archeologische monumentenzorg.
Sprake is van een activiteit als bedoeld in artikel 2.12,
eerste en tweede lid, van de Wet algemene bepalingen
omgevingsrecht en hierin voorschriften zijn opgenomen
omtrent archeologische monumentenzorg.
het college nadere regels stelt met betrekking tot de
uitvoering van werkzaamheden die leiden tot een verstoring
van een archeologisch monument of archeologisch
verwachtingsgebied als aangegeven op gemeentelijke
archeologische waardenkaart of de gemeentelijke
beleidsadvieskaart;
een rapport is overlegd waarin de archeologische waarde van
het te verstoren terrein naar het oordeel van het bevoegd
gezag in voldoende mate is vastgesteld en waaruit blijkt
dat:
**·.** het behoud van de archeologische waarden in voldoende mate kan
worden geborgd; of
**·.** de archeologische waarden door de verstoring niet onevenredig worden
geschaad; of
**·.** in het geheel geen archeologische waarden aanwezig zijn.
Hoofdstuk 6.
Artikel 20.
Instandhoudingbepaling
Onderdeel van Erfgoedverordening 2011 Stichtse Vecht