Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.3

Woningaanpassing

Onderdeel van Beleidsregels individuele voorzieningen gemeente Losser 2011

Woningaanpassingen zijn bouwkundige of woontechnische ingrepen, die gericht zijn op compensatie van beperkingen, die de aanvrager ondervindt bij het normale gebruik van de woonruimte of die een uitraasruimte betreffen. Het gaat om onroerende, dus aard- en/of nagelvaste, voorzieningen. Woningaanpassingen worden toegekend teneinde de aanvrager in staat te stellen om de woning op normale wijze te gebruiken. Hieronder wordt verstaan dat aanvrager de normale (elementaire) woonfuncties moeten kunnen verrichten, zoals slapen, eten, lichaamsreiniging, het doen van essentiële huishoudelijke werkzaamheden, horizontale en verticale verplaatsingen binnen de woning, toegang tot de woning, de verzorging van kinderen. Bij iedere aanvraag moet gekeken worden naar de mogelijkheden die binnen het gezin (en woonruimte) aanwezig zijn. Van huisgenoten mag verwacht worden dat zij ook een aandeel leveren in het huishouden. De aanpassing mag geen betrekking hebben op een hoger niveau dan het niveau van voorzieningen in de sociale woningbouw. Hiermee wordt bedoeld dat in luxere woningen de aanpassingen niet groter en duurder mogen zijn dan in de sociale woningbouw. Hierbij moet bv. gedacht worden aan een gevraagde aanpassing van de garage als deze voor de aanvrager niet direct noodzakelijk is. Niet vergoed worden zaken die als algemeen gebruikelijk worden beschouwd. Welke zaken daartoe behoren, hangt af van de maatschappelijke ontwikkelingen. Zaken die normaal in bv. bouwmarkten verkrijgbaar zijn, kunnen daartoe al snel worden gerekend. Als algemeen gebruikelijk wordt in ieder geval beschouwd: - Thermostatische en eenhendel mengkranen. - Verhoogde toiletpotten (alleen +6). - Eenvoudige wandgrepen en beugels. - Centrale verwarming en thermostatische radiatorkranen. - Douchekop op glijstang. - Keramische kookplaat/inductie kookplaat. - Meterkast met meerdere groepen. - Deugdelijke zonwering. - Wasdroger. - Normale babyfoon/intercom. - Een schuur of berging voorzien van elektra. Het kan zijn dat de aanvrager een “luxere” of andere oplossing wenst voor de aanpassing dan de goedkoopst adequate. Dit wordt toegestaan, mits de aanvrager de meerkosten voor eigen rekening neemt, de oplossing adequaat is en de beperkingen voldoende compenseert. De uitraasruimte is een verblijfsruimte waarin een gehandicapte die vanwege een gedragsstoornis ernstig ontremd gedrag vertoont, zich kan afzonderen of tot rust kan komen. Bij het realiseren van een uitraasruimte is het ontbreken van ergonomische belemmeringen geen afwijzingsgrond voor toekenning. Het aanbrengen van een traplift wordt eveneens tot een woningaanpassing gerekend. Deze wordt aard- en nagelvast met de woning verbonden. Een traplift wordt in eigendom verstrekt maar kan ook in bruikleen worden gegeven. Hierbij dient te worden afgewogen of de traplift zeer langdurig noodzakelijk zal zijn (langer dan 5 jaar). Bij vermoedelijk korter gebruik kan overwogen worden de traplift in bruikleen te verstrekken zodat bij beëindiging van het gebruik de traplift verwijderd kan worden en een aantal onderdelen door de leverancier kan worden teruggekocht. Bij de toekenning van een traplift in bruikleen kan worden bepaald dat deze, na afloop van de periode waarbinnen de leverancier bereid is onderdelen terug te kopen, aan de gehandicapte in eigendom wordt verstrekt. De woningaanpassing kan ook een aanpassing buitenshuis betreffen als dit noodzakelijk is om de woning te kunnen betreden. Een aanpassing buitenshuis kan ook noodzakelijk zijn als gevolg van een Wmo-voorziening zoals een rolstoel of een scootermobiel. Te denken valt aan aanpassing van een bestaande berging, verlagen stoep, verbreden deur, etc. Een woningaanpassing kan ook bestaan uit het plaatsen van een losse woonunit. Voor deze optie wordt alleen gekozen als het een particuliere woning betreft en het plaatsen van een losse woonunit een goedkopere oplossing is dan het realiseren van een aanbouw. Bij een bouwkundige aanpassing komen voor subsidie in aanmerking: 1. De aanneemsom (hierin begrepen de loon- en materiaalkosten) voor het treffen van de voorziening; 2. De risicoverrekening van loon- en materiaalkosten; 3. Het architectenhonorarium, inclusief btw, tot ten hoogste 10% van de aanneemsom. Alleen in die gevallen dat het noodzakelijk is dat een architect wordt ingeschakeld worden deze kosten subsidiabel geacht; 4. De kosten voor het toezicht op de uitvoering, indien noodzakelijk, tot een maximum van 2% van de aanneemsom (inclusief btw); 5. De leges voor zover deze betrekking hebben op het treffen van de voorziening; 6. De verschuldigde en niet verrekenbare of terugvorderbare omzetbelasting; 7. Renteverlies in verband met het verrichten van noodzakelijke betaling aan derden het treffen voordat de bijdrage is uitbetaald, voor zover dit verband houdt met de bouw dan wel van de voorziening; 8. De prijs van bouwrijpe grond indien noodzakelijk, als niet binnen de oorspronkelijke kavel gebouwd kan worden. 9. De door burgemeester en wethouders (schriftelijk) goedgekeurde kostenverhogingen, die ten tijde van de raming van de kosten redelijkerwijs niet voorzien hadden kunnen zijn; 10. De kosten in verband met noodzakelijk technisch onderzoek en door burgemeester en wethouders noodzakelijk geachte adviezen met betrekking tot het verrichten van de aanpassing; 11. De kosten van heraansluiting op openbare nutsvoorziening; 12. De administratiekosten die verhuurder maakt ten behoeve van het treffen van een voorziening voor de gehandicapte, voor zover de kosten onder 1 t/m 11 meer dan € 1.000,00 bedragen, 10% van die kosten met een maximum van € 350,00 (inclusief) De procedure met betrekking tot een aanvraag woningaanpassing. 1. Na aanvraag wordt de indicatie gesteld en een programma van eisen opgesteld; 2. Zowel voor de indicatie als voor het opstellen van een programma van eisen kan de gemeente een beroep doen op derden zoals een medisch, ergonomisch of bouwkundig adviseur; 3. Door de gemeente worden de kosten voor de aanpassing voorlopig vastgesteld; 4. Indien de kosten duidelijk zijn wordt meteen toestemming gegeven om tot uitvoering over te gaan; 5. Indien het een grote woningaanpassing betreft of een woningaanpassing waarvan de kosten niet precies vooraf te bepalen zijn, kan de eigenaar gevraagd worden twee offertes in te dienen; Dit is ter beoordeling aan de vakafdeling. 6. De gemeente geeft de eigenaar toestemming tot realisatie over te gaan conform het programma van eisen; 7. Indien de eigenaar-bewoner betalingen moet verrichten voordat de aanpassing klaar is kan een voorschot worden verstrekt; 8. De woningeigenaar moet de aanpassing zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 6 maanden, na de realisatie gereed melden, controle op de uitvoering van de voorziening moet mogelijk zijn; 9. De hoogte van de financiële tegemoetkoming wordt definitief vastgesteld; 10. Uitbetaling vindt plaats aan de woning eigenaar; 11. De berekende eigen betaling wordt in één keer van de financiële tegemoetkoming ingehouden. 12. De te treffen voorziening moet toereikend verzekerd zijn. Het betreft de opstalverzekering die aangepast moet worden aan de aangebrachte voorzieningen.

Rechtspraak bij dit artikel