Naar hoofdinhoud

Paragraaf 2

Artikel 6

Financiële administratie

Onderdeel van Verordening op de organisatie van de administratie en het beheer van vermogenswaarden

1. Het college van burgemeester en wethouders wijst, onverminderd de verantwoordelijkheid van het hoofd van de afdeling Middelen, een functionaris aan - te noemen administrateur - die verantwoordelijk is voor het voeren van een behoorlijke financiële administratie alsmede met de coördinatie van alle zaken die deze administratie betreffen en het adviseren van het college vanburgemeester en wethouders terzake. 2. In de financiële administratie worden de bezittingen en schulden, alsmede de baten en lasten van de gemeente geregistreerd. De financiële administratie dient de informatie op te leveren, die nodig is voor het besturen en doen functioneren van de gemeentehuishouding, alsmede ten behoeve van de verantwoording die daarover moet worden afgelegd. 3. De administrateur is tevens verantwoordelijk voor de opzet en inhoud van het rekeningschema, waarop de financiële administratie is gebaseerd. Bij de opzet van dit schema pleegt de administrateur overleg met de hoofden van de afdelingen en de gemeentesecretaris. 4. De administrateur is verantwoordelijk voor de juiste, tijdige en volledige verwerking in de financiële administratie van de door de afdelingen aangeboden boekingsstukken. 5. De administrateur heeft het recht te weigeren boekingen uit te voeren indien de boekingsstukken niet voldoen aan de eisen van interne controle, welke eisen door het college van burgemeester en wethouders nader kunnen worden geformuleerd. 6. Het college van burgemeester en wethouders wijst plaatsvervangers aan voor de functionaris als bedoeld onder lid 1. 7. Het college van burgemeester en wethouders kan nadere richtlijnen verstrekken ten aanzien van de wijze waarop en de voorwaarden waaronder de in de leden 1,3, 4, 5 en 6 genoemde functionarissen gebruik maken van de hen gegeven bevoegdheden.

Rechtspraak bij dit artikel