het besluit tot vaststelling van een inburgerings- of taalkennisvoorziening bevat in ieder geval:

a. een beschrijving van de inburgerings- of taalkennisvoorziening;

b. een opgave van de rechten en verplichtingen van de inburgeringsplichtige;

c. de datum waarop het inburgeringsexamen of staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II moet zijn behaald;

d. de termijnen en wijze van betaling van de eigen bijdrage; en

e. ingeval van een oudkomer: de datum waarop de termijn van handhaving van de inburgeringsplicht, bedoeld in artikel 26 van de wet, aanvangt.