Directe leefomgeving en het leven van alle dag De zorgplicht van de gemeente beperkt zich in eerste instantie tot de directe leefomgeving van de cliënt en het leven van alle dag. Bij de Wmo gaat het om maatschappelijk verkeer, het verkeer dat nodig is voor het leven van alle dag. Slechts bij hoge uitzondering kan de zorgplicht van de gemeente worden uitgebreid. De Centrale Raad van Beroep (Wvg) hanteert als uitgangspunt dat slechts uitzonderingen dienen te worden gemaakt op de stelregel dat de zorgplicht van de gemeente zich beperkt tot de directe leefomgeving van de gehandicapte, indien er in redelijkheid moet worden geconcludeerd dat er sprake is van dusdanig wezenlijke, uitsluitend door persoonlijk bezoek te handhaven, bovenregionale contacten dat betrokkene bij het wegvallen daarvan in een sociaal isolement zou geraken.
Indien de gehandicapte een beroep doet op een vervoersvoorziening in het kader van bovenregionaal vervoer dient men aan een aantal voorwaarden te voldoen:- in de eigen directe woon- en leefomgeving zijn weinig tot geen sociale contacten waardoor men niet deelneemt aan het sociale leven;- het bovenregionaal contact is zo wezenlijk en kan men alleen eenzijdig invullen en niet op een andere wijze, dat het een uitzondering vormt op de stelregel dat de regio waarin de zorgplicht geldt beperkt is;- het niet hebben van deze bovenregionale contacten zou tot sociale vereenzaming kunnen leiden.
Vervoersvoorzieningen op grond van andere wettelijke regelingen.Gehandicapten kunnen ook op grond van andere wettelijke regelingen in aanmerking komen voor een vervoersvoorziening. Dat zijn voorliggende voorzieningen. In dat geval heeft de gehandicapte geen recht op een Wmo vervoersvoorziening. Alvorens over te gaan tot advisering van een Wmo vervoers-voorziening dient helder te zijn dat er geen andere wettelijke regeling van toepassing is of kan zijn. Daarom vragen we de beschikking tot verstrekking van een vervoersvoorziening op grond van een andere wettelijke regeling bij een aanvraag voor een Wmo vervoersvoorziening te overleggen. Vervolgens kunnen we beoordelen of deze reeds verstrekte vervoersvoorziening gezien alle omstandigheden minimaal adequaat is of dat een aanvullende Wmo vervoersvoorziening dient te worden verstrekt. Vervoer naar medische instellingen in verband met medisch onderzoek of behandeling, schoolvervoer en woon-werkverkeer vallen niet onder de zorgplicht van de Wmo. Werknemers van de Dienst Sociale Werkvoorziening vallen niet onder de UWV, maar hebben een eigen (beperkte) vervoersregeling voor het woon-werkverkeer. Voor de vervoersbehoefte naar buiten de regio van het collectief vervoer is de landelijke regeling Valys van toepassing.Ziekte of gebrekVervoersproblemen met enkel een sociale of financiële achtergrond vallen niet onder de Wmo; het moet immers gaan om beperkingen op grond van ziekte of gebrek.
Hoofdstuk 5
Artikel 5.2.2
De zorgplicht
Onderdeel van Verstrekkingenboek maatschappelijke ondersteuning gemeente Oldambt