Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 8

Reactie van de ambtenaar op de voorlopige beoordeling

Onderdeel van Personeelsbeoordeling 2006, regeling

Lid 1 Binnen twee weken na uitreiking van het afschrift van de voorlopig vastgestelde beoordeling, deelt de ambtenaar zijn zienswijze schriftelijk mee aan de beoordelaar. Lid 2 Indien de ambtenaar het met de voorlopig vastgestelde beoordeling eens is, is deze definitief vastgesteld. Lid 3 Indien de ambtenaar het met de voorlopig vastgestelde beoordeling oneens is, bespreekt de beoordelaar in een gesprek met de ambtenaar, welke punten van de beoordeling leiden tot het eerder genoemde standpunt van de ambtenaar. Lid 4 Indien in dit gesprek overeenstemming tussen de ambtenaar en beoordelaar wordt bereikt, wordt de voorlopige beoordeling definitief vastgesteld Lid 5 Indien in dit gesprek geen overeenstemming wordt bereikt, volgt een gesprek tussen beoordelaar en de ambtenaar in aanwezigheid van de naasthogere leidinggevende. Lid 6 Na het onder 5. genoemde gesprek, stelt de naasthogere leidinggevende de beoordeling definitief vast. Lid 7 Tegen de beslissing van de naasthogere leidinggevende is bezwaar mogelijk bij het college, conform het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht.

Rechtspraak bij dit artikel