Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 26.

Algemeen gebruikelijke vervoersvoorzieningen

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Aa en Hunze 2011

Indien het inkomen van een ongehuwde persoon of het gezamenlijk inkomen van gehuwde personen meer bedraagt dan 1,5 maal het norminkomen wordt een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel 5 en 6 van de wet geacht financieel bij te dragen aan de kosten van het collectief vervoer. De persoon krijgt een voorziening in de vorm van een kooppas waarvoor de persoon een jaarlijks bedrag aan de gemeente betaalt zoals geregeld in het Besluit maatschappelijke ondersteuning. Daarnaast is ook artikel 24, lid 3 van toepassing. Indien het inkomen van een ongehuwde persoon of het gezamenlijk inkomen van gehuwde personen meer bedraagt dan 1,5 maal het norminkomen, wordt het bezit van een personenauto algemeen gebruikelijk geacht, zodat de kosten van een auto of een met een auto vergelijkbare individuele voorziening en de daarmee samenhangende gebruiks- en onderhoudskosten niet in aanmerking komen voor verstrekking of vergoeding. Met een met een auto vergelijkbare voorziening worden in ieder geval bedoeld een vervoersvoorziening als bedoeld in artikel 25 lid 2 onder b sub 2 t/m 4.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel