Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt verstaan onder:
Wet: de wet van 14 mei 1981 (Stb. 372), houdende regelen met betrekking tot kampeerplaatsen (Kampeerwet);
vergunning: een vergunning als bedoeld in artikel 14, lid 1, van de wet;
vrijstelling: een vrijstelling als bedoeld in artikel 21, lid 1, en artikel 22 van de wet;
ontheffing: een ontheffing als bedoeld in artikel 27, lid 4, van de wet;
recreatief nachtverblijf: het zich bevinden op of in een kampeerplaats of in een kampeermiddel tussen 22.00 uur en 06.00 uur;
rechthebbende: degene die krachtens een zakelijk of persoonlijk recht de beschikking heeft over enig onroerend goed;
kampeerplaats: een kampeerplaats als bedoeld in artikel 1, lid 1, onder a, van de Kampeerwet;
gebouw: een bouwwerk, niet zijnde een kampeerplaats, waarvoor ingevolge de Woningwet een bouwvergunning is vereist;
jaarstandplaats: het terreingedeelte dat bestemd is voor het plaatsen van een kampeermiddel dat gedurende het gehele jaar alsdaar aanwezig mag zijn;
seizoenstandplaats: het terreingedeelte dat bestemd is voor het plaatsen van een kampeermiddel voor ten hoogste de periode van 15 maart tot 31 oktober;
toeristische standplaats: het terreingedeelte dat bestemd is voor het plaatsen van een kampeermiddel, niet zijnde een bouwwerk, dat slechts gedurende een beperkte periode van ten hoogste enige weken aanwezig is;
reglement: het reglement bedoeld in artikel 16 van de wet;
recreatiewoonverblijf: een gebouw, geen woonkeet en geen caravan of ander bouwsel op wielen zijnde, bestemd om uitsluitend door een gezin of een daarmede gelijk te stellen groep van personen dat/die zijn hoofdverblijf elders heeft, te worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf;
kampeermiddel: een kampeermiddel als bedoeld in artikel 1, lid 1, onder b, van de wet;
agrarisch bedrijf: onder agrarisch bedrijf als bedoeld in artikel 21, lid 1, van de wet wordt verstaan een bedrijf dat bestemd is, en gebruikt wordt, voor het voortbrengen van produkten door middel van het telen van gewassen en/of het houden of het fokken van vee.
het college: het bestuursorgaan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hoorn.
Daar waar in deze verordening de mannelijke vorm gebruikt wordt, dient daar ook de vrouwelijke vorm gelezen te worden.