**13.1.** De werkgever plaatst de werknemer voor het verrichten van arbeid in het kader van een reïntegratietraject bij een inlenende organisatie. Voor de periode van de plaatsing wordt een traject in de zin van artikel 14, derde lid van deze arbeidsvoorwaarden reglement vastgesteld.
**13.2.** De plaatsing wordt vastgelegd in een schriftelijke overeenkomst, waarin in ieder geval wordt opgenomen:
de aard en duur van de door de werknemer te verrichten werkzaamheden;
de plaats waar de werkzaamheden worden verricht;
de wijze waarop de begeleiding wordt geregeld;
de werktijden;
het recht van het innemen van een voorrangspositie door de werknemer bij vacatures bij de inlenende organisatie, ten opzichte van niet in de onderneming van de inlenende organisatie werkzame personen;
wijzigingen in de punten a t/m d worden slechts doorgevoerd nadat de werknemer voorafgaand aan de inwerkingtreding van de wijzigingen is gehoord.
**13.3.** De werknemer ontvangt een afschrift van de schriftelijke overeenkomst als bedoeld in lid 2.
**13.4.** Indien de inlenende organisatie anders dan op grond van bedrijfseconomische omstandigheden de plaatsing wenst te beëindigen, zal de werkgever voorafgaande aan de definitieve beslissing, de werknemer in de gelegenheid stellen zijn standpunt kenbaar te maken. Het standpunt van de werknemer zal worden betrokken bij de uiteindelijke beslissing.
**13.5.** De werknemer verricht werkzaamheden dan wel houdt zich beschikbaar om werkzaamheden te verrichten bij door de werkgever aan te wijzen inlenende organisaties.
**13.6.** De werknemer dient de werkzaamheden naar beste vermogen te verrichten.
**13.7.** De werkgever is gehouden werknemer in staat te stellen de overeengekomen werkzaamheden naar beste vermogen uit te voeren.
**13.8.** De inlenende organisatie bepaalt de wijze waarop de werkzaamheden moeten plaatsvinden, binnen de grenzen van het gestelde in lid 2.
**13.9.** De werknemer heeft recht op een deugdelijke begeleiding vanwege de inlenende organisatie en van de werkgever.
**13.10.** De inlenende organisatie en de werkgever zijn verplicht tot geheimhouding tegenover derden over hetgeen hen vanuit hun functie over de werknemer bekend is geworden, tenzij werknemer toestemt in het verstrekken van gegevens of een wet, wettelijke regeling of gerechtelijke uitspraak werkgever of inlener daartoe verplicht.
**13.11.** De werknemer is verplicht tot geheimhouding van hetgeen hem uit hoofde van zijn functie ter kennis is gekomen. Deze verplichting geldt tegenover derden die niet delen in de goede vervulling van de functie van de werknemer en die niet zelf tot de geheimhouding zijn verplicht. De verplichting van de werknemer geldt ook na het beëindigen van het dienstverband.
Hoofdstuk
Artikel 13
Artikel 13
Onderdeel van Arbeidsvoorwaarden detachering in het kader van het reintegratiebeleid van de gemeente Hoorn