Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.1

Keuzevrijheid

Onderdeel van Verstrekkingenboek Maatschappelijke Ondersteuning 2009, Beleidsregel

De Wmo (Wet Maatschappelijke Ondersteuning, hierna wet) verplicht gemeenten om drie mogelijkheden te bieden om voorzieningen te verstrekken. Deze mogelijkheden zullen kort toegelicht worden. Ook de eigen bijdrage wordt nader toegelicht. De drie keuzemogelijkheden: verstrekking door middel van een voorziening in natura; verstrekking door een financiële tegemoetkoming; verstrekking van een persoonsgebonden budget. Voorziening in natura: Een voorziening in natura bestaat niet uit geld, maar uit goederen of diensten. De voorziening die nodig is, wordt verstrekt. In sommige gevallen kan het college de eigenaar zijn van de naturavoorziening. Financiële tegemoetkoming: Bij een bouwkundige of woontechnische ingreep in of aan een woonruimte, kan er een financiële tegemoetkoming uitbetaald worden aan de eigenaar van de woning. Ook kan er een financiële tegemoetkoming verstrekt worden bij een kostenvergoeding voor een taxi of rolstoeltaxi op declaratiebasis. Het persoonsgebonden budget: De gemeente is verplicht om een alternatief voor de voorziening in natura aan te bieden in de vorm van een persoonsgebonden budget. Een persoonsgebonden budget wordt alleen verstrekt ten aanzien van individuele voorzieningen. Dat betekent dat er sprake moet zijn van langdurige (langer dan 13 weken), complexe, of structurele zorgbehoeften. Het uitgangspunt van het persoonsgebonden budget is dat een voorziening in een persoonsgebonden budget niet meer geld gaat kosten dan de voorziening in natura. Een persoonsgebonden budget kan geweigerd worden als het gaat om personen waarvan verwacht kan worden dat zij niet in staat zijn om met het beschikbare geld te kunnen beheren en de besteding te verantwoorden. Hetzij doordat men medisch objectief niet handelingsbekwaam wordt geacht om met een persoonsgebonden budget om te gaan. Daarnaast valt te denken aan personen die bekend zijn bij de Schuldhulpverlening, de afdeling Terugvordering en Verhaal van de afdeling Sociale Zaken of aan personen die in de WSNP (wet schuldsanering natuurlijke personen) lopen. Ook mag een persoonsgebonden budget het bestaan van het collectief vervoer niet in gevaar brengen. Daarom is in de verordening het primaat van het collectief vervoer opgenomen (zie 5.3). Bij verzoeken om een persoonsgebonden budget van een aanvrager die medisch gezien wel van het collectief vervoer gebruik kan maken, zal deze aanvraag afgewezen worden. Nadere regels over het verstrekken en verantwoorden van een persoonsgebonden budget zijn opgenomen in hoofdstukken 3, 4, 5 en 6.

Rechtspraak bij dit artikel