1.
Zodra het onderhoud is voltooid, dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in.
2.
Bij de aanvraag tot subsidievaststelling dient een gespecificeerde financiële
verantwoording van de werkelijk gemaakte kosten, vergezeld van (afschriften van)
rekeningen en betalingsbewijzen, te worden overgelegd.
3.
De in het tweede lid genoemde verantwoording dient binnen 9 weken na beëindiging van de werkzaamheden bij het bestuursorgaan te worden ingediend.
4.
Vaststelling van de subsidie geschiedt nadat het bestuursorgaan de overgelegde
bescheiden en de wijze waarop het onderhoud is uitgevoerd heeft goedgekeurd.
5.
Uitbetaling van de subsidie geschiedt door overmaking op een rekening bij de
postgiro/rijkspostspaarbank of een andere in Nederland gevestigde bankinstelling ten gunste van degene aan wie het subsidie is verleend.
Afdeling
Artikel 11.
Subsidievaststelling en -betaling
Onderdeel van Subsidieverordening onderhoud gemeentelijke monumenten