Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 17.

Artikel 17.1.2

Terugval in inkomen en geen recht op huurtoeslag.

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand 2011

Als een woning wordt bewoond waarvan de huur de maximale huurgrens volgens de Wet op de huurtoeslag overschrijdt en er sprake is van een inkomstenterugval, kan er tijdelijk bijzondere bijstand worden verstrekt voor woonkosten. Deze bijstand wordt voor ten hoogste een jaar verstrekt. Aan de bijstand wordt met toepassing van artikel 55 WWB de voorwaarde verbonden dat de belanghebbende omziet naar een goedkopere woning, waarvan de huur in overeenstemming is met zijn inkomen. Hier moeten bewijsstukken van ingeleverd worden (agendeer een tussentijds onderzoek na een half jaar). Hoogte bijzondere bijstand De hoogte van de bijzondere bijstand wordt vastgesteld op het verschil tussen de te betalen huur en de normhuur als bedoeld in de Wet op de huurtoeslag. Bij de berekeningen van de woonkostentoeslag wordt het meerinkomen voor 100% in aanmerking genomen (zie richtlijn B063 Draagkrachtpercentages). Vermogen dat meer bedraagt dan de bedragen genoemd in artikel 34 WWB worden eveneens volledig in aanmerking genomen. Bewijsstukken • Huurspecificatie; • Proefberekening huurtoeslag; • Beschikking afwijzing huurtoeslag. (Noten 16)

Rechtspraak bij dit artikel