1. 1. De voorzitter van de commissie treedt op als contactpersoon naar buiten;
  2. 2. Alle stukken voor de commissie worden gericht aan de griffier en op de griffie bewaard;
  3. 3. Van ingekomen stukken geeft de raadsgriffier onverwijld kennis aan alle leden en adviseurs van de commissie;
  4. 4. De raadsgriffier draagt zorg voor een adequate archivering van alle stukken;
  5. 5. Alle stukken, die van de commissie uitgaan, worden door de voorzitter door tussenkomst van de raadsgriffier verzonden.