Voor de voormalige bijstandscliënten met een inkomen hoger dan bijstandsniveau en een schuld aan de gemeente geldt dat zij geacht worden ten minste 50% van hun draagkracht aan te wenden voor de aflossing van schulden. De draagkracht is het verschil tussen het inkomen van de belanghebbende en de voor de belanghebbende geldende beslagvrij voet. Aan de ex-cliënten met schulden aan de gemeente wordt bij de beëindiging van de bijstandsuitkering een inlichtingenformulier heronderzoek vorderingen toegestuurd. De ex-cliënten worden geacht dit formulier binnen twee weken aan de afdeling Sociale Zaken, team Terugvordering, Verhaal en Bijzonder Onderzoek, te retourneren. Aan de hand van de gegevens op dit formulier en de relevante bewijsstukken wordt de draagkracht vastgesteld. In het geval het inlichtingenformulier niet door de betrokkene geretourneerd wordt volgt een herinnering. Indien de betrokkene nog niet reageert dan volgt executie van de vordering.
Uit de Regeling administratieve uitkeringsvoorschriften volgt dat bij strikte naleving van de aflossingsregeling geen volgende heronderzoek plaatsvindt indien de schuld binnen vijf jaar afgelost is. De financiële situatie zal dan niet opnieuw worden beoordeeld en de eerder vastgestelde aflossingscapaciteit blijft gehandhaafd. Dit betekent dat ongeacht een verbetering in de financiële draagkracht het aflossingsbedrag niet
in hoogte zal veranderen.
Bij vorderingen die niet binnen vijf jaar kunnen worden afgelost geldt dit niet en vindt wel jaarlijks een heronderzoek plaats. Ex-cliënten die zich niet strikt aan de betalingsafspraak houden worden aangemaand. Er vindt een heronderzoek plaats en bij blijvende non-betaling executie van de vordering.
Hoofdstuk 8.
Artikel 8.2
Vorderingen ex-bijstandscliënten.
Onderdeel van Evaluatie herziening debiteurenbeleid algemene bijstandswet