Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 8:

Artikel 2:28F.

Vervallen van de vergunning / mutaties

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening voor de gemeente Den Haag (APV)

1. . Een vergunning ex artikel 2:28 vervalt, zodra het exploiteren van de horeca-inrichting is beëindigd en op een volledige aanvraag om een nieuwe vergunning voor het exploiteren van dezelfde horeca-inrichting is beslist, of, indien zodanige aanvraag niet is ingediend binnen 13 weken na het beëindigen van het exploiteren van de horeca-inrichting, bij het verstrijken van deze termijn. 2. . Van beëindiging van het exploiteren van de horeca-inrichting is sprake, indien: de horeca-inrichting blijkens de registers van de Kamer van Koophandel en Fabrieken niet meer voor rekening van de ondernemer, op wiens naam de vergunning is gesteld, wordt geëxploiteerd; op grond van andere informatie blijkt, dat de horeca-inrichting niet meer voor rekening van de ondernemer, op wiens naam de vergunning is gesteld, wordt geëxploiteerd. 3. . Van de beëindiging van het exploiteren van de horeca-inrichting doet de ondernemer op wiens naam de vergunning is gesteld onverwijld schriftelijk mededeling aan de burgemeester.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel