1.. De burgemeester kan:

  • - bepalen dat het exploiteren van categorieën van horeca-inrichtingen geheel of gedeeltelijk van de exploitatie-vergunningplicht wordt vrijgesteld;
  • - voorschriften verbinden aan een vrijstelling als bedoeld onder a;
  • - een locatie, pand of gebied aanwijzen waar de vrijstelling bedoeld onder a niet geldt.

2.. De exploitatie van een horeca-inrichting waarop een besluit als bedoeld in het eerste lid, onder a, van toepassing is, geschiedt zodanig dat daardoor het woon- of leefklimaat in de omgeving van de horeca-inrichting of de openbare orde niet op ontoelaatbare wijze nadelig worden beïnvloed.