1.. Onverminderd het bepaalde in artikel 16:1:2 kan de ambtenaar door het college worden geschorst:

  • - wanneer hem het voornemen tot bestraffing met onvoorwaardelijk ontslag is te kennen gegeven of hem van de oplegging van deze straf mededeling is gedaan;
  • - wanneer tegen hem volgens de terzake geldende bepalingen van het Wetboek van Strafvordering een bevel tot inverzekeringstelling of voorlopige hechtenis wordt ten uitvoer gelegd;
  • - wanneer tegen hem een strafrechtelijke vervolging wegens misdrijf wordt ingesteld;
  • - in andere gevallen waarin schorsing wordt gevorderd door het belang van de dienst.

2.. Het schorsingsbesluit bevat in ieder geval:

  • - een aanduiding van het tijdstip waarop de schorsing ingaat;
  • - een nauwkeurige aanduiding van de in het eerste lid bedoelde omstandigheid of omstandigheden welke tot de schorsing aanleiding heeft of hebben gegeven;
  • - een zo nauwkeurig mogelijke aanduiding van de duur van de schorsing.