Naar hoofdinhoud
1.. De verlaging wordt direct en volledig toegepast op de voor de uitkeringsgerechtigde van toepassing zijnde uitkering, met ingang van de kalendermaand volgend op de datum waarop het besluit tot het opleggen van de maatregel aan de uitkeringsgerechtigde is bekendgemaakt. 2.. Indien de verlaging op deze wijze niet of niet volledig geëffectueerd kan worden, wordt de verlaging toegepast met ingang van de eerste dag van de gedraging of van de periode waarop de gedraging betrekking heeft. 3.. In afwijking van het eerste lid wordt de verlaging of weigering toegepast vanaf de ingangsdatum van de uitkering indien de gedraging wordt geconstateerd bij de beoordeling van een aanvraag. 4.. Het college ziet af van een verlaging of weigering indien de gedraging meer dan één jaar voor de constatering van die gedraging door het college plaatsgevonden heeft, tenzij de gedraging een schending van de inlichtingenplicht inhoudt en als gevolg van die gedraging sprake is van een benadelingsbedrag. Een afstemming wegens schending van de inlichtingenplicht wordt niet opgelegd na verloop van vijf jaren nadat de betreffende gedraging heeft plaatsgevonden.

Rechtspraak bij dit artikel