Bouwplicht
20.1
Als partijen in de Koopovereenkomst uitdrukkelijk zijn overeengekomen dat Koper het Verkochte gaat bebouwen, is het bepaalde in dit artikel van toepassing.
20.2
De Koper dient binnen de in de Koopovereenkomst overeengekomen termijn een volledige en ontvankelijke aanvraag ter verkrijging van een omgevingsvergunning bij de Gemeente in.
20.3
Behalve bij een door de Gemeente schriftelijk verleend uitstel, moet binnen zesentwintig (26) weken na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning een begin zijn gemaakt met de bouwwerkzaamheden. De Gemeente kan aan de verlenging voorwaarden stellen.
20.4
De Koper is verplicht het Verkochte te bebouwen in overeenstemming met de verstrekte of te verstrekken omgevingsvergunning binnen een termijn zoals in de Koopovereenkomst is bepaald. Als geen termijn in de Koopovereenkomst is bepaald, is de Koper verplicht om de op het Verkochte te stichten bebouwing binnen twee (2) jaar na ondertekening van de notariële akte van levering voltooid en gebruiksklaar te hebben. Als Koper daar niet aan voldoet, is Koper van rechtswege in verzuim en verbeurt Koper aan de Verkoper een boete van € 1.000,00 (zegge: duizend euro) per dag. Als daartoe aanleiding bestaat (bijvoorbeeld omdat er sprake is van executoriale verkoop door een hypotheekhouder of door een andere schuldeiser, of in geval van verkoop op grond van een rechterlijke machtiging), kan de Gemeente naar aanleiding van een schriftelijk verzoek van Koper deze termijn verlengen. De Gemeente kan aan de verlenging voorwaarden stellen.
20.5
Gedurende de termijn dat nog niet is voldaan aan de in het vierde lid bedoelde verplichting, mag de Koper het Verkochte niet zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de Verkoper in juridische of economische eigendom overdragen, in erfpacht uitgeven, met beperkte rechten bezwaren, verhuren of verpachten. Aan deze toestemming kunnen voorwaarden worden verbonden. Voor vestiging van een recht van hypotheek is geen toestemming nodig.
20.6
Het bepaalde in het voorgaande lid is niet van toepassing in geval van executoriale verkoop en van verkoop op grond van artikel 3:174 van het Burgerlijk Wetboek.
20.7
Als de gemeente toestemming heeft verleend zoals in het zesde lid bedoeld, verbindt de Koper zich tegenover Verkoper, het hiervoor in dit artikel bepaalde aan de nieuwe eigenaar of beperkt gerechtigde ten behoeve van Verkoper op te leggen, door middel van een kettingbeding. Koper draagt er zorg voor dat de verplichtingen uit dit artikel woordelijk in de betreffende akte worden opgenomen.
20.8
Bij niet-nakoming van wat in het vorige lid is bepaald, verbeurt Koper aan de Verkoper, zonder rechterlijke tussenkomst, een onmiddellijk opeisbare boete ter grootte van vijfentwintig procent (25%) van de Koopsom.
Artikel 20
Artikel 20
Onderdeel van Algemene verkoopvoorwaarden onroerende zaken gemeente Overbetuwe 2016