Voor belanghebbenden die gedurende tenminste één jaar een inkomen hebben
dat niet hoger is dan 120% van toepasselijke bijstandsnorm worden als
bijzondere kosten aangemerkt:
• De kosten van deelname aan sportieve, culturele of educatieve
voorzieningen;
• De kosten van lidmaatschap bibliotheek per gezinslid;
• De kosten van een abonnement van een dagblad .
• Indien deze belanghebbenden kinderen hebben, die onderwijs volgen en
tussen de 10 en 18 jaar zijn, worden de bijkomende kosten van basis- en
voortgezet onderwijs als bijzondere kosten aangemerkt. Hierbij kan
gedacht worden aan de kosten van schoolreisje, schoolkamp en
werkweek.
Voor de hoogte van de bijzondere bijstand wordt verwezen naar bijlage
2.
Indien de ouders gescheiden of uit elkaar zijn, kan de ouder, die
kinderbijslag voor het kind ontvangt, de aanvraag mede voor de kinderen
doen.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.9
Regeling voor deelname aan maatschappelijk verkeer
Onderdeel van Richtlijnen bijzondere bijstand