**1..** Bij een eenmalig aan te schaffen voorziening dient belanghebbende de
besteding van het persoonsgebonden budget binnen 60 dagen na
dagtekening van de beschikking te verantwoorden door middel van het
overleggen van een factuur en een bewijs van betaling.
**2..** Voor de verantwoording van het persoonsgebonden budget voor
dienstverlening dient de belanghebbende een deugdelijke
administratie bij te houden, waarin tenminste de volgende
bewijsstukken zijn opgenomen:
een arbeidsovereenkomst of een dienstverleningsovereenkomst
waarin de aard en de omvang van de dienstverlening wordt
beschreven;
betaalbewijzen waaruit de besteding van het persoonsgebonden
budget blijkt;
**3..** Het college verricht steekproefsgewijs onderzoek naar de besteding
van het persoonsgebonden budget zoals bedoeld in lid 2.
**4..** De omvang van de steekproef bedraagt 10% van de totale omvang van
persoonsgebonden budgetten voor periodieke dienstverlening.
**5..** Belanghebbende is verplicht om de gevraagde bewijsstukken zoals
genoemd in lid 2, per ommegaande aan het college te verstrekken,
nadat hierom is verzocht.
**6..** Indien de verantwoording niet voldoende is, kan het college het
recht op het persoonsgebonden budget geheel of gedeeltelijk
intrekken.
**7..** De verantwoording kan niet worden gedaan door een natuurlijk persoon
of een rechtspersoon die leverancier is van de voorziening, waaraan
het persoonsgebonden budget is besteed.
Hoofdstuk 5
Artikel 24.
Verantwoording besteding persoonsgebonden budget door belanghebbende
Onderdeel van Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning, gemeente West Maas en Waal