Belanghebbende heeft niet de mogelijkheid om te kiezen voor een
persoonsgebonden budget als er overwegende bezwaren zijn als bedoeld in
artikel 6 van de wet.
Daarvan is in ieder geval sprake als zich een van de volgende situaties
voordoet:
de voorziening betreft een vervoerspas voor gebruik van het
collectief vervoer waarmee de belanghebbende volledig in zijn
vervoersbehoefte kan voorzien;
belanghebbende heeft zich in de periode van twee jaar
voorafgaand aan de aanvraag niet gehouden aan –bij eerdere
verstrekking van een persoonsgebonden budget- opgelegde
verplichtingen;
belanghebbende zit in een financieel hulpverleningstraject of
zou daarvoor in aanmerking kunnen komen;
er zijn gegronde redenen om aan te nemen dat belanghebbende zelf
niet in staat is tot een verantwoord beheer en een verantwoorde
besteding en er is geen ondersteuning beschikbaar van een
echtgenoot, wettelijke vertegenwoordiger, bewindvoerder of
mentor.
Hoofdstuk 5
Artikel 25.
Gronden voor weigering van een persoonsgebonden budget
Onderdeel van Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning, gemeente West Maas en Waal