Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 2

Artikel 20

a Hoorzitting bij ruimtelijke plannen

Onderdeel van Verordening voor de raadscommissies van de gemeente Moerdijk

1.. Uitgangspunt is dat voorafgaande aan de behandeling van ruimtelijke plannen in de meningsvormende vergadering van de commissie Fysieke Infrastructuur een hoorzitting door de commissie Fysieke Infrastructuur gehouden wordt waar indieners van een zienswijze in de gelegenheid worden gesteld de zienswijzen mondeling toe te lichten. 2.. Zodra het betreffende collegevoorstel ter behandeling in de gemeenteraad is aangeboden, belegt de voorzitter van de commissie Fysieke Infrastructuur voorafgaande aan de meningsvormende vergadering een hoorzitting. 3.. In bijzondere gevallen kan de voorzitter van de commissie Fysieke Infrastructuur besluiten om de hoorzitting als bedoeld in lid 1 niet te houden. In dat geval wordt de indiener van een zienswijze daarvan schriftelijk in kennis gesteld en wordt hij geïnformeerd over de mogelijkheid om in te spreken in de meningsvormende commissievergadering waarin het betreffende ruimtelijke plan aan de orde komt. 4.. De hoorzitting als bedoeld in lid 1 wordt ingepland op een tijdstip dat is gelegen tenminste 5 werkdagen voordat de behandeling in de meningsvormende vergadering plaatsvindt. 5.. De hoorzitting is gericht op het nader toelichten en verbeteren van de informatie door indieners van een zienswijze, waarbij commissieleden om een nadere toelichting kunnen vragen. 6.. Het horen van indieners van een zienswijze vindt plaats ten overstaan van de voorzitter en de leden van de commissie Fysieke Infrastructuur. 7.. Ter ondersteuning van de hoorcommissie is de griffier of een door de griffier aan te wijzen griffiemedewerker bij deze hoorzitting aanwezig. 8.. De voorzitter van de commissie Fysieke Infrastructuur kan bepalen dat de behandelend ambtenaar de hoorzitting bijwoont. 9.. De hoorzitting is openbaar, tenzij de voorzitter anders besluit. 10.. Van de hoorzitting wordt een zakelijke weergave opgesteld, welke wordt toegezonden aan degenen die een zienswijze hebben ingediend en aan de overige leden van de commissie Fysieke Infrastructuur.

Rechtspraak bij dit artikel