1.Voor de advisering over de op de aanvraag te nemen beschikking wordt door het college een
adviseur aangewezen die beschikt over voldoende deskundigheid inzake advisering op het gebied
van planschade.
Indien het college, na advies te hebben ingewonnen van de in het eerste lid bedoelde adviseur, van
oordeel is dat de aanvraag betrekking heeft op planschade vanwege inkomensderving en er, gezien
de complexiteit, aard en omvang van de aanvraag, behoefte bestaat aan extra deskundigheid wordt
door het college een tweede adviseur aangewezen die deskundig is op het gebied van accountancy
of van financieel economische bedrijfsvoering.
Indien het college, na advies te hebben ingewonnen van de in het eerste lid bedoelde adviseur, van
oordeel is dat de aanvraag betrekking heeft op planschade vanwege waardevermindering van een
onroerende zaak en er, gezien de complexiteit, aard en omvang van de aanvraag, behoefte bestaat
aan extra deskundigheid wordt door het college een tweede adviseur aangewezen die deskundig is
ter zake van de waardering van onroerende zaken en van waardevermindering daarvan als gevolg
van een planologische verslechtering.
Indien naar het oordeel van het college het tweede en het derde lid van toepassing zijn, worden
zowel de in het tweede als het derde lid bedoelde adviseurs aangewezen.
Bij aanwijzing van meerdere adviseurs vormen deze een adviescommissie, waarvan de in het
eerste lid bedoelde adviseur voorzitter is.
De adviescommissie wijst uit haar midden een rapporteur aan.
Artikel 3.
Adviseur of adviescommissie
Onderdeel van Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade