Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2 › AFDELING 1 › Paragraaf 4

Artikel 2.1.4.2

Aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening voor de gemeente Hardenberg

1.. Het is verboden zonder vergunning van het college een weg aan te leggen, de verharding daarvan op te breken, in een weg te graven of te spitten, aard of breedte van de wegverharding te veranderen of anderszins verandering te brengen in de wijze van aanleg van een weg. 2.. Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder weg verstaan hetgeen artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994 daaronder verstaat, alsmede alle niet openbare ontsluitingswegen van gebouwen. 3.. Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing op het Rijk, de provincie, de gemeente of het waterschap bij het uitvoeren van zijn of haar publiekrechtelijke taak. 4.. Het verbod geldt voorts niet voorzover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht, de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, het Provinciaal wegenreglement Overijssel, de Telecommunicatiewet of de daarop gebaseerde Telecommunicatieverordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel