**1..** De nadere regels als bedoeld in artikel 2, derde lid kunnen in ieder
geval betrekking hebben op:
de voorwaarden waaronder een voorziening of subsidie wordt
aangeboden;
de weigeringsgronden bij het beoordelen van voorzieningen of
subsidies;
de intrekking of wijziging van de verlening of vaststelling
van subsidies, premies en kostenvergoedingen;
de aanvraag van en de besluitvorming over subsidies, premies
en kostenvergoedingen;
de betaling van subsidies, premies en kostenvergoedingen en
het verlenen van voorschotten;
het vragen van een eigen bijdrage.
**2..** Het college kan, in aanvulling op de verplichtingen die voortvloeien
uit de wet, de IOAW en IOAZ en deze verordening, aan een voorziening
nadere verplichtingen verbinden.
**3..** Het college kan een voorziening beëindigen:
indien de belanghebbende die aan de voorziening deelneemt
zijn verplichting als bedoeld in de Wet Werk en Bijstand en
de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen
(SUWI) niet nakomt;
indien de belanghebbende die deelneemt niet meer behoort tot
de doelgroepen van de wet;
indien de belanghebbende algemeen geaccepteerde arbeid
aanvaardt, waarbij geen gebruik wordt gemaakt van deze
voorziening;
indien naar het oordeel van het college de voorziening
onvoldoende bijdraagt aan een doelmatige
arbeidsinschakeling.
**4..** Het college kan de kosten terugvorderen, die verband houden met
verstrekte voorzieningen aan personen uit de doelgroep zoals bedoeld
in artikel 1 onder e. en f. wanneer deze personen naar het oordeel
van het college onvoldoende meewerken aan een doelmatige
arbeidsinschakeling.
Hoofdstuk 3
Artikel 11
– Algemene bepalingen over voorzieningen
Onderdeel van Re-integratieverordening WWB, IOAW en IOAZ 2011