De vertrouwenspersoon heeft tot taak:a. het aanhoren van hetgeen is voorgevallen;b. het omgaan met de daarbij optredende emoties;c. de klager wijzen op de mogelijkheden om verdere actie te ondernemen;d. het desgevraagd begeleiden en ondersteunen van de klager;e. het doorverwijzen naar externe deskundigen als verdere opvang noodzakelijk is;f. het informeren van het hoofd van dienst over de klacht;g. het administreren van klachten;h. het adviseren zowel gevraagd als ongevraagd aan de organisatie;i. het verzorgen van voorlichting in verband met preventie;j. de objectiviteit te garanderen.